ToengToeng
 
Oetjah-Atjeh, babbelen onder de waringin



Februari 2026: Het boek is er!!

'Rafelranden van een Kampong' is een feit geworden. Een lang gekoesterde droom is in vervulling gegaan. Het schrijven van het boek was een avontuur dat al lang voordat het eerste woord op papier kwam, een aanvang kreeg. Mijn liefde voor Indonesië begon al toen op de basisschool de eerste Indische kinderen in de klas kwamen. Mijn nieuwgierigheid was gewekt. Op de middelbare school las ik Oeroeg van Hella S. Haasse en dat wakkerde mijn nieuwsgierigheid alleen nog maar aan. Hoe zat het precies met die Hollanders in het toenmalig Nederlands-Indië? Wie was Oeroeg? Hoe leefde hij, hoe zag de kampong eruit waar hij woonde, waar geloofde hij in, wat waren zijn drijfveren? Dat leerden we allemaal niet op school en ook mijn speurtocht in de literatuur kon leverde niet op wat ik zocht. Nu, een half mensenleven en 500 boeken verder heb ik aardig in beeld hoe het toen geweest moet zijn voor de inheemse mensen. Oeroeg werd Atoeng, het jongetje waar mijn boek over moest gaan. Maar al schrijvend merkte ik dat Atoeng geen vlees op zijn botten kreeg. Er was een ander, urgenter verhaal dat verteld moest worden: het verhaal van Asmina, zijn moeder. 

Dat is 'Rafelranden van een Kampong' geworden, deel 1 van 'De Kampong Kronieken'. In deel 2 komt Atoeng aan de beurt en er zal zeker ook nog een deel 3 komen. En wie weet wat er verder nog komt...